Het is even zoeken naar de oude begraafplaats van Ellemeet. Vanaf de Ringdijk, de dijk tussen Looperskapelle en Brijdorpe, loopt de Hogeweg dwars door het weidse Schouwse polderland. Net voor de kruising met de Schelpweg passeer je een transformatorhuisje en een hoge telefoonmast. Links van het huisje geeft een groen hek toegang tot het pad dat naar de oude begraafplaats loopt.
Op de kruising van de polderwegen staat een informatiepaneel met een historische tekening van het kerkje en een korte toelichting. Het dorp Ellemeet kent een bewogen geschiedenis. Het werd voor het eerst in 1236 als Ellimed genoemd: een zekere Elli (of Ella) had hier een made (of mede), een weiland. Tijdens het beleg van de stad Zierikzee in 1575-1576 werd het eiland Schouwen onder water gezet en de kerk door de Spaanse troepen van koning Filips II verwoest. Slechts weinig inwoners keerden terug; zij vestigden zich niet in het verwoeste dorp Ellemeet, maar in het gehucht Oudendijke dat ook binnen het grondgebied van de heerlijkheid Ellemeet lag. In 1584 werd een verzoek om de resten van de kerk af te breken nog afgewezen, maar niet lang daarna volgde de afbraak alsnog. De naam Ellemeet ging in de loop der tijd over naar het gehucht dat uitgroeide tot een dorp. Maar voor het begraven bleef het kerkhof van ‘Oud-Ellemeet’ in gebruik.
Van der Aa
De aardrijkskundige Van der Aa publiceerde in 1843 over Elkerzee:
Vóór de Hervorming was Ellemeet een dorp, met eene kerk, die in den Spaanschen oorlog verwoest en naderhand niet weder opgebouwd is.Het kerkhof, 1/2 uur Z. ten O. van Oudendijk, is nog aanwezig, maar wordt als zoodanig niet meer gebruikt; het is tegenwoordig eene weide, waarop eene aldaar vroeger opgegravene steenen doodkist staat. Het geheele dorp is verdwenen, en daarvan slechts ééne dagloonerswoning meer overig.
Bron: Aardrijkskundig woordenboek der Nederlanden, deel 4, A.J. van der Aa, 1843
Oude begraafplaats
Informatiepaneel begraafplaats Ellemeet
De oude begraafplaats ligt drie kilometer buiten het nieuwe Ellemeet. Begraven wordt er niet meer, in 1984 werd de laatste overledene hier ter aarde besteld. In de 16de eeuw werd al op deze plek begraven. In de 17de eeuw werd de begraafplaats buiten gebruik gesteld, maar toen na 1829 niet meer in de kerk begraven mocht worden, besloot men deze begraafplaats weer in gebruik te nemen. Veel grafstenen zijn inmiddels verdwenen en het onderhoud beperkt zich tot grasmaaien. Zo’n vijfhonderd meter buiten de dorpskern ligt aan de Weelweg de nieuwe dorpsbegraafplaats.
Scheutig is de gemeente Ede niet met informatie over de begraafplaatsen binnen de gemeentegrenzen. Slechts een lijstje met de namen van de vijf gemeentelijke begraafplaatsen is terug te vinden op de website onder de rubriek Begraven en cremeren. Geen foto’s of een korte omschrijving van de begraafplaats. Daarnaast vind je op de site alleen technische informatie over kosten, grafuitgifte en grafrechten verlengen.
Oude begraafplaats
Lunteren – Oude Begraafplaats
De begraafplaats in Lunteren bestaat uit twee gedeeltes. De oude begraafplaats, op de verfrommelde kaart in het informatiepaneel bij de ingang van de begraafplaats ‘afd. oud’ genoemd, werd rond 1830 aangelegd en bestaat uit een rechthoekig gedeelte tussen de Kerkhoflaan en de Achterstraat. Het terrein oogt als een parkje met gras en verspreid staande bomen en struiken. Her en der staan en liggen plukjes grafstenen. Een kleine groene rotonde met stèles van notabelen vormt het hart van de ‘oude’. Op het terrein vind je verder grafstenen en graven met hekwerken (ledikanten), in één geval zelfs een graf dat omgeven wordt door kettingen tussen betonnen boomstammetjes.
Nieuwe begraafplaats
Lunteren – Nieuwe Begraafplaats
Lunteren ligt in de Bible Belt. Het percentage van bewoners binnen de Bijbelgordel dat kiest voor begraven ligt beduidend hoger dan in de rest van Nederland. Dat zie je terug in de vormgeving van de begraafplaats. Eenvoudige stenen met veelal een ▷ Bijbeltekstof een verwijzing naar een psalm. Een afbeelding van een palmtak – het symbool voor vrede en overwinning – is vaak de enige versiering op de stèle.
Toen de oude vol was, werd aan de overzijde van de Kerkhoflaan de nieuwe begraafplaats in gebruik genomen. Deze is vanaf 1900 in verschillende fasen tot stand gekomen. Afdeling 3, 5 en 12 zijn de oudste vakken van de begraafplaats. Een fraaie beukenlaan loopt in de lengte over de begraafplaats van de ingang tot het herinneringsplein en strooiveld. De aula werd in 1975 gebouwd.
Het achterste veld is leeg en er kan nog worden begraven in de vele lege plekken tussen de bestaande graven. In Ede wordt actief bovengronds geruimd. Tientallen gele plastic prikkers markeren de graven waarvan de grafrechten zijn verlopen en rechthebbenden worden gezocht. De begraafplaats wordt met zorg onderhouden. De paden zijn geschoffeld, het is gras gemaaid, het grind geharkt en de herfstbladeren geruimd.
Velp - Toegangshek begraafplaats vm. klooster De Goede Herder
Vijf traptreden leiden naar de kleine begraafplaats die van het parkeerterrein wordt afgeschermd door een hoge beukenhaag. Links en rechts van het hoofdpad staan in een weelderig veld met kruiden en voorjaarsbloemen eenvoudige kruisen. Namen op de kruisen ontbreken. De begraafplaats is gelegen op het landgoed Larenstein dat een eeuw lang in bezit was van de zusters van De Goede Herder.
De Congregatie van Onze Lieve Vrouw van Liefde van de Goede Herder, in de volksmond Zusters van de Goede Herder genoemd, bestierden vijf ‘liefdesgestichten’ in Zoeterwoude-Rijndijk (moederhuis), Almelo, Haarlem, later overgegaan in Bloemendaal, Tilburg en Velp. Duizenden meisjes en jonge vrouwen hebben hier een periode van hun leven doorgebracht. De tehuizen waren bedoeld om ‘kwetsbare’ meisjes op te vangen, al werden allerlei, verschillende problemen onder die term op één hoop gegooid. Zo kon het gaan om moeilijk opvoedbare kinderen, maar ook om meisjes die slachtoffer waren geworden van seksueel geweld of die vanwege een scheiding niet meer bij hun ouders terechtkonden.
Dwangarbeid in wasserijen
In plaats van een veilige haven bleken de tehuizen van De Goede Herder deze meisjes vaak van de regen in de drup te brengen: strenge regels, wrede straffen en ellenlange werkdagen. Onder het strenge bewind van de zusters maakten veel pupillen dingen mee die ze de rest van hun leven zouden meedragen. De afgelopen jaren zijn steeds meer verhalen naar buiten gekomen over hoe het er achter de kloostermuren aan toeging. In 2018 schreef de NRC een artikel onder de titel “dwangarbeid in wasserijen en naaiateliers”. In 2020 bood Sander Dekker, toenmalig minister van Rechtsbescherming, overheidsexcuses aan voor wat er met de meisjes gebeurd was en in 2022 werd bij de voormalige locatie in Velp een gedenkmonument onthuld.
Begraafplaats
Zo geïsoleerd als het klooster toen was, zo toegankelijk is het kennislandgoed nu. Sinds de jaren 1970 is het terrein eigendom van de Hogeschool Van Hall Larenstein. Bijna alle oude kloostergebouwen zijn afgebroken en vervangen door een eigentijdse campus. De oude kloosterbegraafplaats is een van de laatste tastbare overblijfselen van het liefdesgesticht. Zoals vele kloosters kreeg Larenstein een eigen begraafplaats. Op deze begraafplaats, aangelegd in 1893, werden gedurende meer dan vijftig jaar tientallen meisjes en vrouwen anoniem begraven.
“Op deze begraafplaats rusten zusters van de Goede Herder, meisjes van het internaat Larenstein en vrouwen die hier tussen 1897 en 1980 onder de hoede van de zusters verbleven. Het monument eert alle meisjes en vrouwen die in Leiderdorp, Almelo, Tilburg Someren, Velp en Bloemendaal bij de Goede Herder zijn geweest. Het herinnert aan hen die er leden onder het pijnlijk verlies van vrijheid, familie, geluk en identiteit in hun jeugd.”
Deze tekst staat op een wit informatiebord te lezen op de rechter pilaar van het toegangshek.
Grafregister Larenstein
In het Gelders Archief wordt de ‘Register of Doodenlijst van de bijzondere begraafplaats van het liefdesgesticht de Goede Herder’ bewaard. Op de lijst staan, in zwierige letters, de namen van 77 overleden ‘eerwaarde zusters’ vermeld. Een veel grotere groep op de lijst omvat de 216 ‘verpleegden’, meisjes die aan de zorg van de zusters waren toevertrouwd. De namen van degenen die na overlijden elders zijn begraven, zijn onbekend.
Indeling begraafplaats
Het begraven van de verpleegden begon in de zuidoostelijke hoek met aflopende nummers vanaf 31, dat van de zusters in zuidwestelijke hoek met oplopende nummers vanaf 1. De zusters staan aan de voorzijde van het boek, de verpleegden aan de achterzijde. De eerste die begraven werd was zuster Theodora van der Veldt op 31 juli 1894, de laatste was zuster Adriana van der Kolk op 15 juni 1973. De jongste dode was verpleegde Agatha van Oostrom van slechts twee jaar, de oudste was Johanna van der Heide die 93 werd. Aan de geboorte- en sterfdata is af te lezen dat een groot aantal van hen er tot op hoge leeftijd in het gesticht verbleven. ‘Het register geeft de namen van de meisjes en zusters die op Larenstein gestorven en begraven zijn. Maar tot nu toe zijn de namen van degenen die na hun overlijden elders zijn begraven, niet bekend.
Register
Uit het register blijkt dat in de twee vakken van 10 m breed en 15 m lang, aan weerskanten van het 2,5 m brede middenpad, werd begraven in 8 rijen van 9 graven dwars op het pad, en met 2 kisten per graf. Zo is er plaats voor 144 doden. Het register telt tot 143 en gaat dan weer verder met een beperkt aantal grafnummers waar vanaf 1896 begonnen was. Deze zijn toen dus geruimd. Onduidelijk is wie waar begraven ligt. Bij elke naam staat een grafnummer, maar die nummers zijn op de begraafplaats zelf niet terug te vinden. Waarom er alleen kruizen zonder namen staan, ongewoon voor graven van zusters bij de Goede Herder, is onbekend. Op andere begraafplaatsen van de Goede Herder staan wel namen op de kruizen.
Volgens sommigen is de gedachte idat God geen naam nodig heeft om te weten wie er begraven ligt. En dat dit kenmerkend is voor het strenge regime van de Zusters van de Goede Herder. Echter op de begraafplaatsen van de Goede Herder in Someren en Bloemendaal staan de namen en de geboorte- en overlijdensdatum op de kruisen. Ook deze begraafplaatsen zijn sober, maar hebben een groener karakter dan de begraafplaats op Larenstein. Vermoedelijk hebben ook op Larenstein in het verleden kruisen met namen op de afzonderlijke graven gestaan. Aan de buitenrand van de begraafplaats lag lange tijd het restant van een grafsteen van Eerw. Moeder Maria van de H. Angelica, de eerste overste van het klooster Larenstein overleden in 1917. De grafsteen is na 2019 verdwenen.
Begraafplaats na het vertrek van de religieuzen. Bron: online-begraafplaatsen.nl
Bij het vertrek van de religieuzen in 1973 is de begraafplaats niet opgeheven, zoals dat gebeurd is bij de kloosters van Zoeterwoude en Almelo. Het kan zijn dat de zusters de bestaande kruisen met namen hebben verwijderd omdat het landgoed een ander, meer openbaar karakter kreeg. De begraafplaats werd heringericht en met rode mijnsteen afgedekt. Er werden symbolische grafvakken aangelegd waarop anonieme kruizen werden geplaatst. Aan het eind van het middenpad stond een kruisbeeld. De tekst op de voet luidde: “Barmhartige Jesus, geef de geloovige zielen de eeuwige rust.” Het kruisbeeld is verplaatst naar de Lourdesgrot die op korte afstand van de begraafplaats ligt.
Monument
Velp – Begraafplaats klooster De Goede Herder, monument Noem mij, bevestig mijn naam
De Goede Herder heeft samen met een groep leden van de stichting Kinderdwangarbeid Meisjes Goede Herder (KMGH) een monument geplaatst op de begraafplaats. Op 10 december 2022 werd het monument Noem mij, bevestig mijn naam onthuld. Het is een ontwerp van de beeldend kunstenaar Harry de Leeuw uit Rheden. Onder het monument zijn kokers geplaatst met daarin lijsten met de namen van overleden meisjes en vrouwen die in een van de vijf huizen van de Goede Herder verbleven.
Praktische informatie Begraafplaats Klooster De Goede Herder Larenstein Laarweg 8 6882 AA Velp
Aan de rand van het Veluwse dorp Vaassen ligt een kleine katholieke enclave. Tegenover de neogotische R.K. St.-Martinuskerk aan de Deventerstraat, een ontwerp van Herman Kroes, ligt de R.K. Begraafplaats Oosterhof. De naam van de Oosterhof herinnert aan een oud buitenhuis dat iets buiten de huidige wijk Oosterhof lag.
De heren van kasteel Cannenburg boden de katholieke inwoners van Vaassen een onderdak door op de Oosterhof een schuurkerk te bouwen. Deze stond op de plaats van het huidige parochiehuis. In 1832 werd een Waterstaatskerk gebouwd die in 1916-1917 werd vervangen door de huidige parochiekerk. De R.K. enclave bestaat de kerk, het parochiehuis, het voormalige zusterhuis, de voormalige kleuterschool, het koetshuis (nu uitvaartcentrum) en het kerkhof.
De begraafplaats werd in 1873 aangelegd. Op de traditionele katholieke dodenakker staat de gietijzeren kruisiging, gegoten door de IJzergieterij Industrie Vaassen, centraal. Aan de voet van de calvarie liggen vier priestergraven. Schuin voor het kruisbeeld staat er een hardstenen neogotisch grafmonument voor H. W. Vrouwe Ch. Th. M. Al. Bar(o)nes van Oldeneel tot Oldenzeel (†1881), de laatste adellijke bewoonster van Canneburgh. De laatste uitbreiding betreft de aanleg van de urnentuin in 2025. Op de begraafplaats zijn alleen nog bijzettingen mogelijk.
De naastgelegen pastorie heeft een achterhuis uit circa 1800 en een voorhuis uit 1878 met neogotische en neorenaissance-elementen. Vergelijkbaar in stijl is het koetshuis uit 1884. De tuin heeft een mogelijk vroeg-19de-eeuwse landschappelijke aanleg.
Veenendaal - Gedenkpark Oude Begraafplaats van 1829
In 1829 kwam een einde aan het begraven in en rond de Hervormde Kerk op de Markt, toen nog de enige kerk in Veenendaal. Een jaar eerder werd een terrein aangekocht, gelegen ’tusschen de kerk en de oude Molen’ en ingericht als nieuwe algemene begraafplaats.
Veenendaal – fundamenten lijkhuisje
De aankoopprijs van 500 gulden van het van 6000 vierkante meter grootte terrein werd verdeeld over de twee gemeenten waarbinnen het dorp Veenendaal destijds lag. Stichts Veenendaal (2000 inwoners) betaalde twee derde deel, het kleinere ‘kerspel’ Gelders Veenendaal (1000 inwoners) een derde deel. Opvallend is dat er sprake is van een Algemene (gemeentelijke) Begraafplaats en niet van een Hervormde (kerkelijke) Begraafplaats, zodat er niet alleen een begraafplaats kwam voor de leden van de Hervormde Staatskerk, waartoe meer de meerderheid van de bevolking behoort, maar ook voor katholieken, joden en doops- en andersgezinden.
Van 1829
Veenendaal – Entree Oude Begraafplaats
In april 1829 starten de werkzaamheden voor de aanleg van de begraafplaats inclusief de bouw van een baarhuisje, Een een paar maanden later is de begraafplaats klaar voor gebruik. Gedurende negentig jaar begraaft Veenendaal zijn doden op de begraafplaats. Op 30 mei 1919 besluit de gemeenteraad om de begraafplaats gesloten te verklaren voor nieuwe graven. Voor wie al een eigen graf bezit geldt vanaf nu dat er vooralsnog (nog) wel mag worden ‘bijgezet’ in familiegraven. In 1947 wordt begraafplaats officieel gesloten verklaard.
Verpaupering en restauratie
Veenendaal – grafstenen
In de jaren 1950 en 1960 verpaupert de begraafplaats. In 1977 komt het plan om de begraafplaats te ruimen ter tafel, maar het plan wordt niet uitgevoerd. Pas in 1986 wordt de begraafplaats heringericht tot wandelpark: nieuw hekwerk, groenvoorzieningen, ophoging van het terrein met vijftig centimeter, het opruimen van oude grafwerken en restauratie van de oude toegangspoort aan de kant van de Molenstraat. De structuur van de begraafplaats blijft gehandhaafd. De 47 mooiste gedenkstenen worden bewaard en langs het middenpad gelegd. Enkele families geven geen toestemming op hun grafstenen te ruimen of te verplaatsen, worden voorzien van een hekwerk en blijven op het terrein liggen. De overige grafzerken belanden in de container. In 2008 krijgt de begraafplaats opnieuw een facelift en krijgt de naam Gedenkpark De Oude Begraafplaats van 1829.
Waar eens de schaapjes graasden, zijn nu graafmachines aan het werk. Het weiland achter het klokkenstoeleiland wordt omgezet in een natuurlijke begraafplaats . Het weiland had al lange tijd de bestemming begraafplaats en zou ooit ingericht kunnen worden als uitbreiding van de Plantagehof.
Omdat de begraafplaats voldoende grafruimte heeft voor de komende decennia is besloten om het achterste deel in te richten als natuurlijke begraafplaats. Daarmee komt de Planatagehof tegemoet aan lang bestaande wens van bewoners van Culemborg om begraven te kunnen worden op een natuurlijke begraafplaats.
De werkzaamheden bestaan uit: – ca 80 cm ophogen van het terrein over een oppervlakte van 5.600 m2 – graven van watergangen en wadi’s – plaatsen van een houten brug. – aanleggen van bestrating en halfverhardingen – plaatsen van meubilair – aanbrengen van groenvoorzieningen (bomen, planten, inzaaien.
Door de slechte toegankelijkheid van het terrein is een 400 meter lange tijdelijke weg van rijplaten aangelegd vanaf de Langedreef naar het terrein. Het werk wordt medio maart opgeleverd.
Natuurbegraven vs natuurlijk begraven
Natuurlijk begraven of natuurbegraven: wat is het verschil?
Natuurkijk begraven of natuurbegraven worden vaak door elkaar gebruikt. Hebben deze woorden dezelfde betekenis of waarin verschillen ze van elkaar. In de praktijk worden beide begrippen door elkaar gebruikt, terwijl er wel degelijk verschillen zijn.
Een natuurbegraafplaats – de meeste zijn aangesloten bij de brancheorganisaties BRANA en LOB – voldoet aan strenge criteria op het gebied van natuurbehoud, begraven, duurzaamheid en eeuwige grafrust. Een natuurbegraafplaats stimuleert natuurontwikkeling en biodiversiteit. De meeste natuurbegraafplaatsen maken deel uit van een natuurterrein van bijvoorbeeld een landgoed. De grafrechten worden uitgegeven voor onbepaalde tijd; de graven worden niet geruimd.
Een natuurlijke begraafplaats (of ecolgische begraafplaats) maakt dikwijls deel uit van een reguliere begraafplaats. Vaak wordt een niet gebruikt deel van de begraafplaats ingericht als een natuurlijk deel. Het terrein maakt dus geen deel uit van een natuurgebied. De grafrechten zijn bepaald (bijvoorbeeld voor 50 of 99 jaar uitgegeven). De graven worden uiteindelijk geruimd zoals op een reguliere begraafplaats.
Natuurbegraven
grafrechten voor onbepaalde tijd (eeuwige grafrust)
onderdeel natuurgebied (landgoed) onderdeel van een bestaande begraafplaats
geen grafmonument toegestaan
graven worden niet geruimd
Natuurlijk begraven
grafrechten voor bepaalde tijd (bijvoorbeeld 25, 50 of 99 jaar)
De drie nominaties zijn uit 7 kandidaten geselecteerd. Ook al is het aantal kandidaten overzichtelijk, toch blijft de selectie moeilijk, omdat de kandidaten in soort en karakter veel van elkaar kunnen verschillen. De genomineerden zijn geselecteerd door een voorbereidende commissie. Het zijn, willekeurige volgorde: 1. Gemeente Den Helder; 2. Stichting Cultureel erfgoed begraafplaats Wieringermeer; 3. Stichting De Hof, Hilversum.
Gouden Terebinth 2026 Zaterdag 28 februari: 13.00 tot 16.30 uur in de aula van Uitvaartcentrum De Grote Haar, Haarweg 1a, 4205 NC Gorinchem
Begraafplaatsen worden vaak vergeten in reisgidsen. Zeker in Nederland. In een reisgids gaan de bewoners niet dood en als ze al dood gaan zwijgen de gidsen over de plaats waar ze worden begraven. Je vindt geen beschrijving van Begraafplaats en Crematorium Westerveld, hoewel het oude crematoriumgebouw niet onderdoet voor het Scheepvaarthuis in Amsterdam. Beide gebouwen zijn ontworpen door architecten uit de vermaarde Amsterdamse School. En de begraafplaats, mooi gelegen in het duinlandschap, kan wedijveren met menig stadspark.
Een wandeling over een begraafplaats is iets wat je in het buitenland doet, maar niet in Nederland. Veel mensen weten niet dat er in Nederland begraafplaatsen zijn die beslist niet onderdoen voor het beroemde Père Lachaise in Parijs of de imposante Magnificent Seven, de zeven monumentale 19de-eeuwse begraafplaatsen in Londen. Men kent begraafplaatsen alleen als een plek waar hun dierbaren een laatste rustplaats hebben gevonden. Een begraafplaats is daarnaast ook een plek voor rust, overpeinzing, cultuurhistorie en natuurbeleving. Begraafplaatsen waren vroeger plekken waar je alleen kwam om de doden te herdenken. Hoge hekken en muren vormden ern barrière met de levende wereld. Vandaag de dag zetten begraafplaatsen hun poorten open en vinden bezoekers het niet raar om er te wandelen of deel te nemen aan een historische of natuurexcursie.
Romantische begraafplaatsen
Vanaf 1829 werd ter bevordering van de hygiëne het begraven in kerken door de overheid verboden. De nieuwe begraafplaatsen buiten de bebouwde kom werden ontworpen door bekende landschapsarchitecten, zoals Zocher jr, Springer en Roodbaard. Ze ontwierpen romantische tuinen in de Engelse landschapsstijl compleet met hoogteverschillen, kronkelende paden, waterpartijen en veel groen. Op de graven kwamen fraaie graftekens te staan. Ook op kleinere begraafplaatsen werden ter verfraaiing (treur)bomen, struiken en hagen geplant. Veel kerkhoven veranderden in groene oases.
Een aantal begraafplaatsen heeft de toenemende belangstelling onder het publiek goed opgepikt met een aantrekkelijke website en wandelingen. Ze delen plattegronden, informatie over rondleidingen en brochures over monumenten, geschiedenis en beheer. Je voelt je er welkom en wordt uitgenodigd om rond te wandelen. Je kunt genieten van de rust, flora en fauna, de grafmonumenten en hun symbolen. Een begraafplaats is ook een plek om na te denken over de vergankelijkheid van het leven.
De Nieuwe Ooster
Wie door de statige poort aan de Kruislaan in Amsterdam-Oost begraafplaats, crematorium en gedenkpark De Nieuwe Ooster betreedt, wordt verwelkomd door een vriendelijke portier. Tegenover de ingang staat de aula uit 1939 met een nieuwe aanbouw met crematorium. Ook de voormalige doodgraverswoning heeft een aanbouw gekregen waarin een café en het Nederlands Uitvaart Museum Tot Zover te vinden zijn. In 1894 werd de Nieuwe Oosterbegraafplaats in de Watergraafsmeer, ver buiten het centrum van Amsterdam, aangelegd naar een ontwerp van de invloedrijke Nederlandse tuinarchitect Leonard Anthony Springer.
Tuin van Springer
Zijn ontwerp bestond uit een landschappelijk vormgegeven begraafplaats van 16 ha (nu 33 ha) groot. De sierlijke paden en grafvakken moesten de bezoeker het gevoel geven dat ze in een mooi park beland waren. Dit parkgevoel moest ook duidelijk tot uitdrukking komen door de beplanting van 1500 bomen, 300 coniferen en meer dan 22.000 struiken. Dankzij deze rijkdom aan bijzondere bomen heeft het park de status gekregen van arboretum. Je kunt over de begraafplaats ronddwalen en genieten van de rust en het groen en de graven van bekende Nederlanders en rasechte Amsterdammers bewonderen. En geen enkel moment heb je het gevoel dat je je te midden van de drukke stad bevindt.
Geschiedenisboek
Zo hebben veel plaatsen hun eigen monumentale begraafplaats of kerkhof. In Utrecht ontwierp Zocher jr Soestbergen met de voor Europa unieke rotonde van grafkelders die bekend staat als de ‘Ring van Zocher’. Sint Petrus Banden in Den Haag bezit een fraaie arcade met 32 bogen uit 1832. Kleverlaan is Haarlems best bewaarde geheim. Het is, geheel in de 19de-eeuwse traditie, een park met kronkelende paden, weelderig groen, oeroude bomen, vijvers en andere waterpartijen. Het bekendste gebouw is het mausoleum, een voor Nederland uniek gebouw waar overledenen in worden bijgezet. In de dorpen zijn het de kerkhoven die het verhaal vertellen van de bewoners; je kunt aan de hand van de grafstenen, jaartallen en namen de geschiedenis van een stad of dorp lezen.
Schouwen-Duiveland telde in het verleden heel wat meer dorpen dan de huidige zeventien. Ruim twintig dorpen zijn geheel verdwenen. Daar komen nog eens zes dorpen bij die sterk gekrompen zijn. De meeste dorpen gingen verloren door landverlies als gevolg van stormvloeden, maar ook door het moerneren, het opgraven van veen om zout te winnen.
Begraafplaats Brijdorpe. Foto Mary Kuiper
Ten zuidoosten van Scharendijke ligt de buurtschap Brijdorpe aan de Ringdijk. Brijdorpe betekent ‘slijkerige grond’. De inwoners van Schouwen-Duiveland kennen het beter als ‘Briepe’. Het was een van de grootste terpen op Schouwen en werd voor het eerst vermeld in 1232. Graaf Floris V van Holland had het plan Brijdorpe te verheffen tot stad. Brijdorpe vormde ooit een afzonderlijk eiland. De inundatie van Schouwen tijdens het beleg van Zierikzee (1575-1576) was de aanzet tot de neergang van het dorp. Na de droogmaking keerde slechts een deel van de bevolking terug. De kerk verviel tot een ruïne en werd in 1590 afgebroken. Het kerkhof, gelegen op een groene kerkheuvel (terp), bleef bestaan. In veel dorpen werd in de 19de eeuw gekozen om een nieuwe begraafplaats buiten het dorp aan te leggen, in Brijdorpen bleef de begraafplaats tot in 1966 in gebruik.
BrijdorpeBrijdorpe
De begraafplaats is 2300 m² groot en er zijn 28 grafstenen zichtbaa: vijf staande, zestien liggende, zes paaltjes en één dubbelgraf. Sommige graven hebben een paaltje met enkel een nummer. Van een groot deel van de stenen is het opschrift door de begroeiing met kostmossen niet meer leesbaar. Achter het hek ligt een kleine groene oase met direct links een rij grafstenen. De overige stenen liggen verspreid over het terrein.
Doorkijkje op de oude begraafplaats van Brijdorpe. Foto Zeeuwse Ankers.
Op de top van de Kavelberg, de berg waarnaar Muiderberg (‘Berg bij Muyden’) is genoemd, staat de middeleeuwse Kerk aan Zee. Met een hoogte van 5,3 meter is de Kavelberg het hoogste punt van het dorp. Landschappelijk gezien is de berg een uitloper van de Utrechtse Heuvelrug. De stuwwal strekt zich uit van de Kavelberg tot de Grebbeberg bij Rhenen.
Woeste Zuiderzee
De kerk van Muiderberg, Kerk aan Zee, ligt op een prachtige plek met uitzicht op de voormalige Zuiderzee. Nu kijk je uit op het Gooimeer en de skyline van Almere. De geschiedenis van de kerk gaat terug tot de 15de eeuw toen op de plek waar eerder een kapel had gestaan een laatgotische kerk werd gebouwd. De kerk lag oorspronkelijk niet aan de Zuiderzee. Door het gebeuk van de golven verdween jaarlijks een meter strand en duinen. Bij zware overstromingen, zoals in 1916, werd wel vijftig tot honderd meter duin weggeslagen. Na de aanleg van de Afsluitdijk kwam de ‘zee’ tot rust.
Groen beheer
Rond de kerk ligt een kleine, sfeervolle begraafplaats. De laatste jaren is de begraafplaats omgetoverd van een kaal en zanderig terrein tot een weelderig hof vol met bomen, struiken en planten. In het voorjaar bloeien de stinsenplanten volop. Een rood geverfd hek geeft toegang tot de trap naar de kerk en het kerkhof. Aan de ‘zeekant’ ligt een lager gelegen terras dat bereikbaar is via een eigen hek maar aan de achterzijde van de kerk uitloopt op de eerste ring. Aannemelijk is dat de eerste begrafenissen rond 1690 hebben plaatsgevonden. Anno 2025 liggen er circa 160 graven. Tegen het muurtje tussen het lage en hoge terras staan grafstenen die na de ruiming van de graven bewaard zijn gebleven.
Voor de vergroening. Foto ’t Gooi.infoNa de vergroening
Graf van een Poolse zeeman
Aan de noordzijde van de kerk ligt een grafkelder die afgedekt is met een zware, gebroken zerk. Het verhaal gaat dat hier een Poolse officier begraven ligt. Op het in 1870 aangespoelde lijk werd geld en een testament gevonden. Het was zijn wens om in een grafkelder begraven te worden waarin ook andere drenkelingen begraven konden worden. Op de zerk staat onder een familiewapen een spreuk gebeiteld: Menschlievendheid wacht niet naar dwang noch word weerhouden door belang. Op ▷ Dodenakkers is een reconstructie van de speurtocht naar de eigenaar van het graf. Het graf is volgens het onderzoek niet het graf van een Poolse zeeman, maar van Antoni Grunelius, (1705-1782) , een telg uit een Luthers geslacht van predikanten, bankiers en handelaren.