Wandelen over begraafplaatsen

Categorie: begraafplaats (Pagina 1 van 3)

Gouden Terebinth 2026: Wieringermeer

’Zo uniek, dat een onconventionele aanpak op zijn plaats is’

Stichting Cultureel Erfgoed Begraafplaats Wieringermeer heeft zaterdag de Gouden Terebinth gewonnen, een prijs voor het behoud van funerair erfgoed. De afvaardiging uit Den Helder kreeg de derde prijs mee.

Bron: Noordhollands Dagbald, 01-03-26

De prijs wordt sinds 2016 elke twee jaar uitgereikt door Terebinth, een stichting die zich inzet voor het behoud van begraafplaatsen, grafmonumenten, begrafenisrituelen en andere zaken die met de dood te maken hebben. Zaterdag werd de prijs voor de zesde keer uitgereikt en Stichting Cultureel Erfgoed Begraafplaats Wieringermeer ging er met de eerste plaats vandoor.

De stichting biedt rondleidingen aan op de begraafplaats in Middenmeer, waarbij aan de hand van de graven wordt verteld over de oorspronkelijke inwoners van de Wieringermeer. De wijze waarop de stichting de begraafplaats actueel en relevant houdt, kon op veel waardering rekenen van de jury. Een geldbedrag van duizend euro is de beloning. Terebinth droeg de begraafplaats eerder al voor een monumentenstatus aan. ’Zo uniek, dat een onconventionele aanpak op zijn plaats is’, was de toelichting.

De gemeente Den Helder werd geprezen vanwege haar inspanningen om de verhalen op de algemene begraafplaats tot leven te brengen en kreeg de derde prijs toebedeeld. De tweede prijs ging naar de historische begraafplaats ’Gedenkt te Sterven’ in Hilversum. Deze buitenbegraafplaats uit 1792 was een van de eerste algemene begraafplaatsen.

Lees het juryrapport

Natuur(lijk) begraven in Culemborg

Waar eens de schaapjes graasden, zijn nu graafmachines aan het werk. Het weiland achter het klokkenstoeleiland wordt omgezet in een natuurlijke begraafplaats . Het weiland had al lange tijd de bestemming begraafplaats en zou ooit ingericht kunnen worden als uitbreiding van de Plantagehof.

Omdat de begraafplaats voldoende grafruimte heeft voor de komende decennia is besloten om het achterste deel in te richten als natuurlijke begraafplaats. Daarmee komt de Planatagehof tegemoet aan lang bestaande wens van bewoners van Culemborg om begraven te kunnen worden op een natuurlijke begraafplaats.

De werkzaamheden bestaan uit:
–  ca 80 cm ophogen van het terrein over een oppervlakte van 5.600 m2
– graven van watergangen en wadi’s
– plaatsen van een houten brug.
– aanleggen van bestrating en halfverhardingen
–  plaatsen van meubilair
–  aanbrengen van groenvoorzieningen (bomen, planten, inzaaien.

Door de slechte toegankelijkheid van het terrein is een 400 meter lange tijdelijke weg van rijplaten aangelegd vanaf de Langedreef naar het terrein.
Het werk wordt medio maart opgeleverd.

Natuurbegraven vs natuurlijk begraven

Natuurlijk begraven of natuurbegraven: wat is het verschil?

Natuurkijk begraven of natuurbegraven worden vaak door elkaar gebruikt. Hebben deze woorden dezelfde betekenis of waarin verschillen ze van elkaar. In de praktijk worden beide begrippen door elkaar gebruikt, terwijl er wel degelijk verschillen zijn.

Een natuurbegraafplaats – de meeste zijn aangesloten bij de brancheorganisaties BRANA en LOB – voldoet aan strenge criteria op het gebied van natuurbehoud, begraven, duurzaamheid en eeuwige grafrust. Een natuurbegraafplaats stimuleert natuurontwikkeling en biodiversiteit. De meeste natuurbegraafplaatsen maken deel uit van een natuurterrein van bijvoorbeeld een landgoed. De grafrechten worden uitgegeven voor onbepaalde tijd; de graven worden niet geruimd.

Een natuurlijke begraafplaats (of ecolgische begraafplaats) maakt dikwijls deel uit van een reguliere begraafplaats. Vaak wordt een niet gebruikt deel van de begraafplaats ingericht als een natuurlijk deel. Het terrein maakt dus geen deel uit van een natuurgebied. De grafrechten zijn bepaald (bijvoorbeeld voor 50 of 99 jaar uitgegeven). De graven worden uiteindelijk geruimd zoals op een reguliere begraafplaats.

Wandel eens over een begraafplaats

Begraafplaatsen worden vaak vergeten in reisgidsen. Zeker in Nederland. In een reisgids gaan de bewoners niet dood en als ze al dood gaan zwijgen de gidsen over de plaats waar ze worden begraven. Je vindt geen beschrijving van Begraafplaats en Crematorium Westerveld, hoewel het oude crematoriumgebouw niet onderdoet voor het Scheepvaarthuis in Amsterdam. Beide gebouwen zijn ontworpen door architecten uit de vermaarde Amsterdamse School. En de begraafplaats, mooi gelegen in het duinlandschap, kan wedijveren met menig stadspark.

Een wandeling over een begraafplaats is iets wat je in het buitenland doet, maar niet in Nederland. Veel mensen weten niet dat er in Nederland begraafplaatsen zijn die beslist niet onderdoen voor het beroemde Père Lachaise in Parijs of de imposante Magnificent Seven, de zeven monumentale 19de-eeuwse begraafplaatsen in Londen. Men kent begraafplaatsen alleen als een plek waar hun dierbaren een laatste rustplaats hebben gevonden. Een begraafplaats is daarnaast ook een plek voor rust, overpeinzing, cultuurhistorie en natuurbeleving.
Begraafplaatsen waren vroeger plekken waar je alleen kwam om de doden te herdenken. Hoge hekken en muren vormden ern barrière met de levende wereld. Vandaag de dag zetten begraafplaatsen hun poorten open en vinden bezoekers het niet raar om er te wandelen of deel te nemen aan een historische of natuurexcursie.

Romantische begraafplaatsen

Vanaf 1829 werd ter bevordering van de hygiëne het begraven in kerken door de overheid verboden. De nieuwe begraafplaatsen buiten de bebouwde kom werden ontworpen door bekende landschapsarchitecten, zoals Zocher jr, Springer en Roodbaard. Ze ontwierpen romantische tuinen in de Engelse landschapsstijl compleet met hoogteverschillen, kronkelende paden, waterpartijen en veel groen. Op de graven kwamen fraaie graftekens te staan. Ook op kleinere begraafplaatsen werden ter verfraaiing (treur)bomen, struiken en hagen geplant. Veel kerkhoven veranderden in groene oases.

Een aantal begraafplaatsen heeft de toenemende belangstelling onder het publiek goed opgepikt met een aantrekkelijke website en wandelingen. Ze delen plattegronden, informatie over rondleidingen en brochures over monumenten, geschiedenis en beheer. Je voelt je er welkom en wordt uitgenodigd om rond te wandelen. Je kunt genieten van de rust, flora en fauna, de grafmonumenten en hun symbolen. Een begraafplaats is ook een plek om na te denken over de vergankelijkheid van het leven.

De Nieuwe Ooster

Wie door de statige poort aan de Kruislaan in Amsterdam-Oost begraafplaats, crematorium en gedenkpark De Nieuwe Ooster betreedt, wordt verwelkomd door een vriendelijke portier. Tegenover de ingang staat de aula uit 1939 met een nieuwe aanbouw met crematorium. Ook de voormalige doodgraverswoning heeft een aanbouw gekregen waarin een café en het Nederlands Uitvaart Museum Tot Zover te vinden zijn. In 1894 werd de Nieuwe Oosterbegraafplaats in de Watergraafsmeer, ver buiten het centrum van Amsterdam, aangelegd naar een ontwerp van de invloedrijke Nederlandse tuinarchitect Leonard Anthony Springer.

Tuin van Springer

Zijn ontwerp bestond uit een landschappelijk vormgegeven begraafplaats van 16 ha (nu 33 ha) groot. De sierlijke paden en grafvakken moesten de bezoeker het gevoel geven dat ze in een mooi park beland waren. Dit parkgevoel moest ook duidelijk tot uitdrukking komen door de beplanting van 1500 bomen, 300 coniferen en meer dan 22.000 struiken. Dankzij deze rijkdom aan bijzondere bomen heeft het park de status gekregen van arboretum. Je kunt over de begraafplaats ronddwalen en genieten van de rust en het groen en de graven van bekende Nederlanders en rasechte Amsterdammers bewonderen. En geen enkel moment heb je het gevoel dat je je te midden van de drukke stad bevindt.

Geschiedenisboek

Zo hebben veel plaatsen hun eigen monumentale begraafplaats of kerkhof.  In Utrecht ontwierp Zocher jr Soestbergen met de voor Europa unieke rotonde van grafkelders die bekend staat als de ‘Ring van Zocher’. Sint Petrus Banden in Den Haag bezit een fraaie arcade met 32 bogen uit 1832. Kleverlaan is Haarlems best bewaarde geheim. Het is, geheel in de 19de-eeuwse traditie, een park met kronkelende paden, weelderig groen, oeroude bomen, vijvers en andere waterpartijen. Het bekendste gebouw is het mausoleum, een voor Nederland uniek gebouw waar overledenen in worden bijgezet. In de dorpen zijn het de kerkhoven die het verhaal vertellen van de bewoners; je kunt aan de hand van de grafstenen, jaartallen en namen de geschiedenis van een stad of dorp lezen.

Praktische informatie
De Nieuwe Ooster, www.denieuweooster.nl
Museum Tot Zover, www.totzover.nlSt. Petrus Banden, http://begraafplaatsdenhaag.nl
Kleverlaan, www.haarlem.nl/begraafplaatsen

Begraven in Schouwen-Duiveland: Brijdorpe

Schouwen-Duiveland telde in het verleden heel wat meer dorpen dan de huidige zeventien. Ruim twintig dorpen zijn geheel verdwenen. Daar komen nog eens zes dorpen bij die sterk gekrompen zijn. De meeste dorpen gingen verloren door landverlies als gevolg van stormvloeden, maar ook door het moerneren, het opgraven van veen om zout te winnen.

Begraafplaats Brijdorpe. Foto Mary Kuiper

Ten zuidoosten van Scharendijke ligt de buurtschap Brijdorpe aan de Ringdijk. Brijdorpe betekent ‘slijkerige grond’. De inwoners van Schouwen-Duiveland kennen het beter als ‘Briepe’. Het was een van de grootste terpen op Schouwen en werd voor het eerst vermeld in 1232. Graaf Floris V van Holland had het plan Brijdorpe te verheffen tot stad. Brijdorpe vormde ooit een afzonderlijk eiland.
De inundatie van Schouwen tijdens het beleg van Zierikzee (1575-1576) was de aanzet tot de neergang van het dorp. Na de droogmaking keerde slechts een deel van de bevolking terug. De kerk verviel tot een ruïne en werd in 1590 afgebroken. Het kerkhof, gelegen op een groene kerkheuvel (terp), bleef bestaan.
In veel dorpen werd in de 19de eeuw gekozen om een nieuwe begraafplaats buiten het dorp aan te leggen, in Brijdorpen bleef de begraafplaats tot in 1966 in gebruik.

De begraafplaats is 2300 m² groot en er zijn 28 grafstenen zichtbaa: vijf staande, zestien liggende, zes paaltjes en één dubbelgraf. Sommige graven hebben een paaltje met enkel een nummer. Van een groot deel van de stenen is het opschrift door de begroeiing met kostmossen niet meer leesbaar. Achter het hek ligt een kleine groene oase met direct links een rij grafstenen. De overige stenen liggen verspreid over het terrein.

Doorkijkje op de oude begraafplaats van Brijdorpe. Foto Zeeuwse Ankers.


Praktische informatie:
Begraafplaats Brijdorpe
Hoogenboomsweg
Brijdorpe
Topokaart

Begraven in Muiderberg: kerk aan zee

Op de top van de Kavelberg, de berg waarnaar Muiderberg  (‘Berg bij Muyden’) is genoemd, staat de middeleeuwse Kerk aan Zee. Met een hoogte van 5,3 meter is de Kavelberg het hoogste punt van het dorp. Landschappelijk gezien is de berg een uitloper van de Utrechtse Heuvelrug. De stuwwal strekt zich uit van de Kavelberg tot de Grebbeberg bij Rhenen.

Woeste Zuiderzee

Groen beheer

Rond de kerk ligt een kleine, sfeervolle begraafplaats. De laatste jaren is de begraafplaats omgetoverd van een kaal en zanderig terrein tot een weelderig hof vol met bomen, struiken en planten. In het voorjaar bloeien de stinsenplanten volop. Een rood geverfd hek geeft toegang tot de trap naar de kerk en het kerkhof. Aan de ‘zeekant’ ligt een lager gelegen terras dat bereikbaar is via een eigen hek maar aan de achterzijde van de kerk uitloopt op de eerste ring. Aannemelijk is dat de eerste begrafenissen rond 1690 hebben plaatsgevonden. Anno 2025 liggen er circa 160 graven. Tegen het muurtje tussen het lage en hoge terras staan grafstenen die na de ruiming van de graven bewaard zijn gebleven.

Graf van een Poolse zeeman

Aan de noordzijde van de kerk ligt een grafkelder die afgedekt is met een zware, gebroken zerk. Het verhaal gaat dat hier een Poolse officier begraven ligt. Op het in 1870 aangespoelde lijk werd geld en een testament gevonden. Het was zijn wens om in een grafkelder begraven te worden waarin ook andere drenkelingen begraven konden worden.  Op de zerk staat onder een  familiewapen een spreuk gebeiteld: Menschlievendheid wacht niet naar dwang noch word weerhouden door belang. 
Op ▷ Dodenakkers is een reconstructie van de speurtocht naar de eigenaar van het graf. Het graf is volgens het onderzoek niet het graf van een Poolse zeeman, maar van Antoni Grunelius, (1705-1782) , een telg uit een Luthers geslacht van predikanten, bankiers en handelaren.

Lees ook: ⊳ Het is herfst op het kerkhof aan zee


Praktische informatie
Begraafplaats Kerk aan Zee
Kerkpad 1
Muiderberg

Begraven in Ommerschans: bedelaarskolonie

“Eerst liepen wij tien minuten door heerlijke rogge en genaakten zoo het gesticht, dat een vrij aangenaam voorkomen heeft, zijnde met boomen hier en daar overschaduwd en op een oude Schans nog met grachten omringd, opgebouwd”, schreef de jurist Jacob van Lennep in 1823 over zijn bezoek aan de bedelaarskolonie in de Ommerschans. Op het eerste gezicht leek de landbouwkolonie aan de verwachtingen te voldoen: bedelaars en landlopers uit heel het land verdienden hier een eerlijke boterham door de wildernis te ontginnen en tot goudgele akkers om te vormen. Maar de schijn bedroog. Eenmaal binnen de muren van het gesticht troffen Van Lennep en zijn vriend Dirk van Hogendorp een bedroevende situatie aan vol honger, ziekte en onrecht.

De groene vestingwallen van de Ommerschans herinneren nauwelijks aan het drama dat zich hier twee eeuwen geleden voltrok. De begraafplaats is vrijwel het enige wat rest van de bedelaarskolonie Ommerschans. Onder de wortels van de bomen rusten mannen, vrouwen en kinderen, waarvan velen zonder naam en zonder steen zijn begraven. De begraafplaats vormt de enige tastbare herinnering aan de onvrije kolonie die tot mislukken was gedoemd.

Van schans tot strafkolonie

Tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) werd op de smalle zandrug door het plaatselijke moeras van een verdedigingsschans tussen 1623 en 1628 opgeworpen. De schans was bedoeld om de weg door het veen naar de noordelijke provincies te beschermen tegen de Spanjaarden. Later in de 17de eeuw nam de bisschop van Münster, bijgenaamd Bommen Berend, tot twee keer toe de Ommerschans in.

In 1819 werd het terrein in bruikleen gegeven aan de Maatschappij van Weldadigheid, een project van Johannes van den Bosch. De Maatschappij stichtte ‘vrije’ kolonies in onder andere Frederiksoord, Wilhelminaoord en Willemsoord. In de onvrije kolonie Ommerschans werden personen van ‘minder zedelijk en goed gedrag’ opgenomen: bedelaars, vagebonden, mensen die niet in staat waren een zelfstandig bestaan te leiden, vondelingen en weeskinderen. Op het terrein van de kolonie stonden naast het grote hoofdgebouw ook kerken, een school en een gevangenis. En er was zelfs een eigen begraafplaats met een lijkenhuisje.

De kolonie liep uiteindelijke tegen financiële problemen aan en werd in 1859 overgenomen door de regering. In 1870 werden de vrouwen en kinderen overgeplaatst naar Veenhuizen. Uiteindelijk werd de kolonie in 1890 definitief gesloten. Aan de rand van het gebied ging werd een opvoedingsgesticht voor ontspoorde jongens, dat de naam Veldzicht kreeg, gebouwd.

Begraafplaats

Nadat in 1821 de eerste bewoner in de kolonie overleed, werd op de oude verdedigingswal van de zuidelijke omgrachting een begraafplaats ingericht. In totaal zijn hier 5312 mensen begraven, waaronder 500 kinderen. De indeling van de begraafplaats is overzichtelijk: katholieken links (gewijde grond), protestanten rechts. De grafstenen vooraan zijn van personeelsleden van de straf- en bedelaarskolonie en hun familieleden. De kolonisten werden anoniem begraven in grote kuilen, zonder grafsteen of naam. De witte kruizen markeren de graven van de bewoners van de latere kliniek Veldzicht. De begraafplaats was oorspronkelijk een open terrein met langs de kant een rij grote eiken.

Achteraan ligt een grafzerk van de familie Moll. Petrus Moll was fabrieksbaas van het bedelaarsgesticht en lid van de katholieke kerk. Zijn vrouw en vier kinderen liggen hier ‘In afwachting des blijde herrijzenis’. Het grafschrift besluit met de woorden: ‘Dat zij rusten in vrede. Amen.’

Zientje Hoogenberg

Zientje Hoogenberg was de dertien jaar oude dochter van een pachter van een van de hoeven die bij de kolonie hoorde. Op 15 oktober 1889 werd zij door een van de bedelaars aangerand en met een mes om het leven gebracht. 

Achterstallig onderhoud

in 2007 startte op initiatief van Staatsbosbeheer en de vereniging De Ommerschans het onderhoud de begraafplaats ter hand genomen. De oorspronkelijke padenstructuur, werd hersteld, het lijkenhuisje en het grafmonument van de familie Moll hersteld. De begraafplaats werd afgesloten met een toegangshek. Op de pijlers staan links de tekst OMMER en rechts SCHANS. Een kleine brug verbindt de begraafplaats met het vroegere kolonieterrein. Het gerenoveerde lijkenhuisje doet nu dienst als overdekt informatieruimte.

Praktische informatie

 Ommerschans, Begraafplaats Maatschappij van Weldadigheid
Balkerweg 75
7739 PT Ommerschans
Kaart 

Begraven in Veenhuizen: Joodse begraafplaats

Op de handwijzer bij de kruising van de Kerklaan en Eikenlaan in Veenhuizen ontbreekt de verwijzing naar de Joodse begraafplaats. Een ‘hand’ wijst naar het Vierde Gesticht. Een hek met schrikdraad verspert het pad naar de begraafplaats, maar het laat zich gemakkelijk en zonder schrik openen.
Aan het einde van het pad ligt een klein open terrein met wat verspreide bomen. Een witgeverfd houten hek vormt de toegang. De omheining bestaat uit betonnen paaltjes die met elkaar verbonden zijn door ijzerdraad.

Veenhuizen - handwijzer
Handwijzer

Veenhuizen werd in 1823 gesticht als onvrije kolonie en was in eerste instantie opgezet om vierduizend wezen en kinderen op te vangen. In het land ontstond grote weerstand tegen het sturen van kinderen naar de koloniën, waardoor het niet lukte om de kolonie Veenhuizen vol te krijgen.

Eén van de gebouwen in Veenhuizen werd daarom heringericht om bedelaars op te vangen. Ook joodse kinderen en bedelaars werden naar Veenhuizen gestuurd. In 1839 kreeg Veenhuizen een eigen synagoge en godsdienstig leraar.

Rijkswerkinrichting

In 1859 werd de kolonie Veenhuizen door de overheid overgenomen van de Maatschappij van Weldadigheid. Veenhuizen werd vanaf 1875 omgevormd tot een Rijkswerkinstelling voor gevangenen en ‘verpleegden’, zoals de bedelaars en de landlopers. Werden genoemd. Ook werden er vanaf 1863 geen Joodse wezen meer naar Veenhuizen overgebracht. Rond 1850 maakten ca. 276 Joodse mensen deel uit van de kolonie; tien jaar later waren dit er nog maar 64. Vanaf 1890 stuurde de Nederlandse staat geen Joodse mensen meer naar Veenhuizen; ze werden naar de Rijkswerkinstelling in Hoorn gestuurd. In dat jaar wordt de Joodse gemeente in Veenhuizen opgeheven.

Vierde Gesticht

In 1825 werden de hervormde en de rooms-katholieke kerk in Veenhuizen in gebruik genomen, Rond beide kerken werden kerkhoven aangelegd. Al snel bleken deze kerkhoven ongeschikt vanwege de te hoge grondwaterstand. Daarom werd in 1830 hoger gelegen perceel buiten het dorp de algemene begraafplaats aangelegd, later bekend als het Vierde Gesticht. Op de algemene begraafplaats was geen specifieke plek aangewezen voor joodse mensen. Dat wijst erop dat ze een andere plek hadden om hun doden te begraven. Naar alle waarschijnlijkheid werden de Joodse overledenen vanaf de oprichting van de kolonie begraven op de Joodse begraafplaats.

Joodse begraafplaats

Op het eerste gezicht lijkt de Joodse begraafplaats te bestaan uit een veld met enkele bomen en met slechts één grafsteen. In de begraafregisters zijn de namen van dertien Joodse mensen  te vinden. Het aantal van 13 is onvolledig; het aantal wordt door archiefonderzoek geschat op 280.
Op 27 april 1893 besloot Gedeputeerde Staten van Drenthe dat “indien de begraafplaats nog niet gesloten is, dit alsnog dient te gebeuren”. Vanuit de Joodse traditie van eeuwige grafrust kan een Joodse begraafplaats niet gesloten worden verklaard. Zolang er ruimte is, kan een Joodse begraafplaats gebruikt worden. In 1943 zijn nog twee overledenen begraven.

Eenzame stèle

Veenhuizen - stele op de joodse begraafplaats
Eenzame stèle op de Joodse begraafplaats

Op de begraafplaats staat een grijze staande grafsteen (stèle) vervaardigd uit Belgisch hardsteen. De bovenkant van de steen is halfrond. Op de grafsteen is een gekruiste palm- en eikentak als symbool aanwezig. De palmtak verwijst naar het paradijs, de eikentak staat symbool voor het eeuwige leven. Waar de takken elkaar kruisen, is een strik afgebeeld. Onderaan de grafsteen staat in sierlijk schrift de naam van de steenhouwer gebeiteld: G. Stuvel.

Landschapsbeheer Drenthe heeft in 2024 herstelwerkzaamheden op de begraafplaats uitgevoerd. Het grafveld is weer vrijgesteld van bomen, de beukenhaag is in ere hersteld, het toegangshek vervangen en de padenstructuur heraangelegd.

Grafsteen Jetta Jacoba Nieuwied Joodse begraafplaats Veenhuizen
Grafsteen Jetta Jacoba Nieuwied

Hier is
Het graf van een dierbare, flinke vrouw (Spreuken 31:10)
De echtgenote van de weledele heer Itsik Nieuwied*

Zij werd met grote eer begraven de tweede Dag van Rosj Hasjana** 5623 TNSBH***

De Nederlandse tekst luidt:
Jetta Jacoba Nieuwied
Geboren Bargebuhr
Overleden 23 september 1862

*= Het graf van Izak (Isik) Nieuwied bevindt zich op Joodse begraafplaats in Assen.
**=Joods Nieuwjaar
***=De letters TNSBH  staan voor de afkorting van vijf Hebreeuwse woorden die in het Nederlands betekenen: Moge haar ziel gebonden zijn in de bundel der levenden’

Praktische informatie

Joodse begraafplaats Veenhuizen
Kerklaan (einde  doodlopende weg). De toegangsweg is afgesloten met een hek en schrikdraad.

Joodse begraafplaats Veenhuizen, Een cultuurhistorische analyse
Bezoek begraafplaats 15-08-2025

Begraven in Heerde: Buys Ballot en Engelmanskamp

De Wet van Buys Ballot

Vanaf de parkeerplaats aan de Elburgerweg is het een korte wandeling (volg de blauwe paaltjes) naar het  graf van Cornelis Sebastiaan Buys Ballot. Hij was de zoon van meteoroloog Christophorus Henricus Didericus Buis (Buys) Ballot (1817-1890).

Graf Buys Ballot op begraafplaats Soestbergen in Utrecht. Foto onlinebegraafplaatsen.nl

Als oprichter van het KNMI in De Bilt heeft C,H.D. Buys Ballot in 1854 een belangrijke basis gelegd voor de mogelijkheden om het weer te voorspellen. In 1852 werd hij eigenaar van de landgoederen Welna en De Dellen in de buurt bij Heerde en Epe. Hier kon hij zich in alle rust wijden aan de wetenschap. Zijn onderzoeken bekostigde hij met het geld dat hij verdiende aan de bosbouw. wind en luchtdruk. Hij werd begraven op de Eerste Algemene Begraafplaats Soestbergen in Utrecht

Na het overlijden van Buys Ballot zette zijn zoon, Cornelis Sebastiaan (1850-1928), de bosbouwactiviteiten voort. Cornelis Sebastiaan overleed in 1928. Hij werd bijgezet in de grafkelder op het terrein van De Dellen. Zijn grafsteen is tot vandaag de dag vrij te bezoeken. 

Graf Cornelis Sebastiaan Buys Ballot op landgoed De Dellen. Foto onlinebegraafplaatsen.nl

Engelmanskamp

Aan dezelfde Elburgerweg wijst niet ver voor het viaduct over de A28 een bescheiden bordje naar de Begraafplaats Engelmanskamp. Een lange oprijlaan eindigt bij het parkeerterrein bij de ingang van de begraafplaats. Over de  aanleg en de geschiedenis van de Engelmanskamp is weinig terug te vinden. De aanleg vond plaats in 1972.

De begraafplaats ligt aan de rand van natuurgebied de Renderklippen, een groot natuurgebied dat bestaat uit met heide begroeide stuwwallen op de Veluwe tussen Heerde en Epe. De natuur zet zich voort op de begraafplaats die oogt als een bosgebied met zandpaden tussen de loof- en naaldbomen.

Heerde kent nog twee algemene begraafplaatsen: de Oude Algemene Begraafplaats (1850, gesloten) aan de Kamperweg en de Nieuwe Algemene Begraafplaats aan de Meester Nijhoffstraat.

Begraven in Wehe-Den Hoorn: R.K. begraafplaats

Binnen het dubbeldorp Wehe-Den Hoorn was Den Hoorn een katholieke enclave in  het overwegend protestantse Hogeland. In 1730 kreeg Den Hoorn een schuilkerk, die in 1754 en 1803 vervangen moest worden door een grotere. In 1927 werd de huidige kerk gebouwd. De Sint-Bonifatiuskerk werd in 1926 ontworpen door vader en zoon Joseph Cuypers en Pierre Cuypers jr. in een expressionistische stijl. De kerk beschikte al sinds 1840 over een eigen begraafplaats.

Een gietijzeren hek aan de Warfhuisterweg geeft toegang tot de begraafplaats van R.K. Sint Bonifatiuskerk. In 1837 kocht pastoor Pierik dit terrein gelegen tussen de weg en het hofje waar zeer waarschijnlijk de eerste twee kerken uit 1730 en 1754 stonden. In 1840 werd in overleg met de gemeente de begraafplaats aangelegd onder voorwaarde dat een kwart gedeelte bestemd was voor protestante inwoners van het dorp. Eerst werden ook de overleden katholieken uit Kloosterburen hier begraven, maar dit dorp kreeg later een eigen begraafplaats. In 1873 is de begraafplaats heringericht en kreeg deze zijn huidige vorm.

RK Begraafplaats Wehe-Den Hoorn

De begraafplaats is eenvoudig van opzet. Aan het einde van het hoofdpad staat een calvariekapel (bouwjaar 1873) met aan de achterkant een aangebouwd baarhuisje. Dit baarhuisje werd in gebruik genomen als tijdelijke bewaarplaats voor overledenen tot aan de begrafenis. De calvariekapel annex baarhuisje werd gebouwd in de voor de architect A. Tepe kenmerkende sobere Nederrijnse baksteengotiek van de 14de en 15de eeuw. De kapel is geheel in baksteen uitgevoerd en heeft een T-vormige plattegrond voorzien van drie pinakels met een zadeldakje.

Calvarie

Tegen de achterwand staat de kruisiging, bestaand uit drie beelden die de gekruisigde Christus met links de moeder Maria en rechts de apostel Johannes voorstellen. Onderaan het kruis bevinden zich neergaande wortels die het leven symboliseren. De calvariegroep staat op een tombe die het graf na de kruisafname voorstelt. Aan de oostkant van het gebouwtje bevindt zich een dichtgemetselde deur; aan de westzijde de ingang tot het baarhuisje. Rechts van de calvariekapel ligt het graf van pastoor W. H. Veling Smale – hij was van 1871 tot 1918 pastoor Op Den Hoorn – en van zijn broer Cornelius Smale.

‘Hier rusten twee eerwaarde broeders. Cornelis Smale, pastoor te Heino, geb. te Zwolle 16 aug 1824, overl. te Den Hoorn 13 juni 1909. Willem Hendrik Veling Smale, pastoor te Den Hoorn geb. te Zwolle 13 sept. 1821, overl. te Groningen 19 juli 1918.

‘Gelijk zij gedurende een leven door geboorte, geloof en liefde verenigd, mogen zij hier en daar boven nimmer gescheiden worden’, staat er te lezen.
Deze beide pastoors waren oorspronkelijke in de derde kerk bij de Hoornstertil aan de Mernaweg begraven. Bij de afbraak van de deze kerk in 1927 werden zij herbegraven op ‘het kerkhof.

De talrijke 19de-eeuwse grafmonumenten op de begraafplaats zijn in verticale kruisvorm of hebben een kruis in de top. Het oudste graf bevindt zich in de noordoosthoek van de begraafplaats Dit is van Arnoldus J. Paping, bouwheer van de derde kerk en pastoor Op Den Hoorn 1803-1823. Dit graf is versierd met vanitas- symbolen – afbeeldingen van schedels en andere symbolen van dood en vergankelijkheid – in hoogreliëf.

Praktische informatie
R.K. Begraafplaats
Warfhuisterweg 10A
Wehe-Den Hoorn

Bron:
Bezoek begraafplaats 13-04-2024
Archief Sint Bonifatiuskerk

Begraven in Kloosterburen: katholieke enclave

Het dorp Kloosterburen ligt in de Marnestreek, het land van wierden, maren, dijken en kwelders,   in het noordwesten van de provincie Groningen. De naam verwijst naar de twee kloosters die hier vroeger hebben gestaan: Oldeklooster (gesticht rond 1175) en Nijenklooster (1204), beide behorende tot de orde der premonstratenzers. Deze kloosterlingen legden nadruk op eenvoud, soberheid, isolement en hard werken.

Er staan twee mooie kerken in het dorp: de van oorsprong 13de-eeuwse hervormde Nicolaaskerk en de 19de-eeuwse katholieke Sint-Willibrorduskerk. Het dorp kent drie begraafplaatsen: de oude begraafplaats (gesloten) rond de hervormde kerk, de katholieke begraafplaats (1871) en de algemene begraafplaats (1871).

Hervormde kerk
Na de overgave van stad Groningen, kwam de kerk van het Oldeklooster in handen van de protestanten. Deze kerk werd in de 17de eeuw vervangen door een nieuwe kerk, die echter gesloopt werd in 1815. In 1843 werd de huidige Hervormde kerk gebouwd. Rond de kerk lag een kerkhof waar de inwoners van het dorp werden begraven. Na  1871 nam het aantal begrafenissen op het kerkhof snel af door de ingebruikname van twee nieuwe begraafplaatsen: de R.K. begraafplaats en de naastliggende algemene begraafplaats.

Katholieke enclave
Kloosterburen is sinds eeuwen een rooms katholieke enclave in het verder overwegend protestantse Groningen. In het midden van het dorp ligt aan de Hoofdstraat de grote neogotische Willibrorduskerk die vanuit het omliggende ‘Hoge Land’ al van verre te herkennen is.  In 1842 kreeg het dorp een katholieke kerk, een eenvoudig zaalkerkje in Waterstaatstijl, dat in 1864 alweer te klein was.

Overzicht RK Begraafplaats

Voor de bouw van een grotere kerk maakte architect P.J.H. Cuypers het ontwerp. In 1869 was het kerkgebouw voltooid. Cuypers schetste een sober vormgegeven gebouw passend bij het dorpsbeeld. Achter de kerk ligt de fraaie K(C)loostertuin, een mix van bloemen, kruiden, groenten en fruitbomen.

In 1871 kregen de katholieken een eigen begraafplaats gelegen aan de  Kloostersingel. In hetzelfde jaar opende de Algemene Begraafplaats met de ingang aan de Hoofdstraat.

Gebruiken bij begrafenissen in Kloosterburen in de 19de eeuw.
Uit: Hogelandster 21-09-1994

Ruime een eeuw geleden bestonden op het Groninger platteland overal nog kluften of naberschappen.  Dit waren buurtverenigingen, voornamelijk voor onderlinge bijstand bij nood en dood. Die te Kloosterburen worden genoemd in een brief van het gemeentestuur van Kloosterburen aan Gedeputeerde Staten van 1845.  De belangrijkste taken bestonden uit: waken en oppassen bij zieken, luiden van de klok bij begrafenissen, het graf graven en het ter aarde bestellen van lijken. Hierbij waren de buren van een zieke of overledene behulpzaam. Verder hadden de volmachten van de naberschappen het toezicht op  het kerkhof.
Toen in 1828/1929 de schoolmeesters in de provincie Groningen opdracht van de provinciale commissie van onderwijs kregen om de toestand in hun kerspel, de gewoonten en verdere bijzonderheden te beschrijven werd dit in Kloosterburen gedaan door de schoolonderwijzer R.A. Venhuis. In zijn rapport zijn de gewoonten bij begrafenissen beschreven, zoals die 1828 gebruikelijk waren. Hij schreef o.a. het volgende:

Lees verder

« Oudere berichten

© 2026 Over de groene zoden

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑