Het jaar 1829 was historisch gezien een kanteljaar voor Nederlandse begraafplaatsen. Per 1 januari 1829 trad namelijk het koninklijk besluit in werking dat het begraven in kerken definitief verbood en gemeenten met meer dan duizend inwoners verplichtte om begraafplaatsen buiten de bebouwde kom aan te leggen. Hierdoor openden in dat jaar tientallen ‘buitenbegraafplaatsen’ hun poorten.
Verordening op het Begraafwezen in 1829
In 1829 vaardigde koning Willem I op voorstel van de minister van Binnenlandse Zaken de Verordening op het Begraafwezen uit. De veroredening bepaalde dat er niet langer in kerken mocht worden begraven. Plaatsen met meer dan duizend inwoners werden verplicht een begraafplaats aan te leggen op ten minste 35 tot 40 ellen (ongeveer 35-40 meter) buiten de bebouwde kom.
Sommige gemeenten, zoals ▷Amsterdam, kregen uitstel, terwijl andere direct nieuwe begraafplaatsen aanlegden. Voor het ▷Koninklijk Huis werd een uitzondering gemaakt. Zij mochten blijven begraven in de Nieuwe Kerk van Delft. De provincies regelden de uitvoering van de verordening waardoor er lokale verschillen ontstonden.
‘Provincie Utrecht|
Op 25 augustus 1827 worden alle gemeenten in de provincie Utrecht door Gedeputeerde Staten op de hoogte gesteld van de nieuwe regeling. Hierin was te lezen dat:Vanaf 1 januari 1829 het begraven van lijken, in kerken, kapellen, bedeplaatsen, hetzij publiek, hetzij aan gestichten of particulieren toebehoorende, zal verboden blijven, en zulks zonder eenige uitzondering, zoo wel ten platten lande, als in de steden, behoudens alleen het begraven op kerkhoven in de gemeenten, welke niet meer dan duizend zielen bevatten. (….) in de steden, dorpen en vlekken van eene bevolking van meer dan duizend zielen op kerkhoven of begraafplaatsen in de bebouwde kom der gemeente gelegen, te doen ophouden, en bij gevolg te bevelen, dat aldaar, vóór het gemelde tijdstip zullen worden aangelegd, eene of meer begraafplaatsen, zulks ten minste 35 of 40 ellen (1 el = 1 meter) afgelegen van de bebouwde kom der gemeenten.’

Begrafeniswet van 1869
Deze provinciale regelingen zouden uiteindelijk leiden tot landelijke wetgeving. In 1869 werd de eerste begrafeniswet van Nederland uitgevaardigd. De nieuwe wet leidde ertoe dat talloze kleine gemeenten verplicht een ‘algemene’ begraafplaats moesten aanleggen. Op de website van ▷Op den Rössheuvel staat de volledige ▷Tekst Begraafwet 1869
Veel begraafplaatsen werden rond 1828–1831 aangelegd naar aanleiding van het Koninklijk Besluit van 1827, maar pas later officieel in gebruik genomen. Sommige steden, zoals Utrecht met begraafplaats Soestbergen en Den Haag met de Kerkhoflaan, kochten de grond al aan in 1828 of 1829, maar namen de begraafplaatsen door vertragingen pas in de loop van 1830 officieel in gebruik.
Begraafplaatsen die in 2028 200 jaar bestaan
(lijst niet volledig)
Algemene Begraafplaats, Noordwijk
Aangelegd door aannemer Timotheus van Paddenburg uit Warmond naar een ontwerp van Salomon van der Paauw, stadsarchitect van Leiden.
Gedenkpark de Oude Begraafplaats van 1829, Veenendaal
De Algemene Begraafplaats langs de Weverij, gelegen tussen Achterkerkstraat en Kostverloren, werd in 1829 in gebruik genomen. ▷webiste
Oude Algemene Begraafplaats, Amerongen
De algemene begraafplaats van Amerongen werd aangelegd in 1829 op een stuk grond direct ten oosten van de dorpskern,\
Stads- en Ambachtsbegraafplaats Doetinchem
Varsseveldseweg en Nieuweweg bij de splitsing van de Ds. Van Dijkweg/Hofstraat. Op 1 januari 1829 werden beide begraafplaatsen in gebruik genomen. ▷website
Begraafplaats Anloo
Uit ‘Verhaal van het verhandelde bij den Burgemeester en Assesoren in de Gemeente van Anloo’ van Zaterdag den 2 Februarij 1828 valt te lezen: ‘Er zal buiten het dorp Anloo eene nieuwe begraafplaats worden aangelegd op de zogenoemde Hazekamp,….’.
Begraafplaats Hoge Wal, Woerden
Op 11 januari 1829 werd de begraafplaats in gebruik genomen en betiteld als ‘ Algemene Begraafplaats’. In het grafboek staat vermeld: ’11 Januari. Een kint van Aart Blonk Wz., welke is de eerste welke op het burgerlijke kerfkhoff is begraven. En lijd op de eerste rang.’
Begraafplaats Crooswijk, Rotterdam
Een van de bekendste en grootste historische begraafplaatsen van Rotterdam, ontworpen met rijke dodensymboliek.
Begraafplaats Essenhof, Dordrecht
Aangelegd op een voormalig landgoed en officieel in gebruik genomen op 1 juli 1829.
Begraafplaats Rusthof, Ridderkerk
De oudste begraafplaats van de gemeente Ridderkerk, aangelegd direct na het ingaan van het landelijke verbod.
Begraafplaats Op de Eng, Huizen
Aangelegd in 1829 nadat het begraven in de lokale dorpskerk werd gestaakt.
Algemene Begraafplaats, Nijkerk
Bronnen noemen zowel 1828 als 1829; de aanleg vond plaats in de periode direct na het Koninklijk Besluit van 1827.
RK Begraafplaats Lichtenvoorde
Eerste aanleg in 1828 volgens historische beschrijvingen van de begraafplaats.
Begraafplaats Zelhem
Historische aanleg in 1828.
Boerenkerkhof Enschede
Historische bronnen vermelden 1828 als oprichtingsjaar.
Maria Rust, Rockanje
Oude begraafplaats waarvan de oorsprong teruggaat tot 1828.
H. Michaelbegraafplaats, Sint Michielsgestel
Oprichting in 1828 volgens lokale historische documentatie.
Begraafplaatsen na 1828 in Gelderland
Rond 1828 hadden vrijwel alle historische Gelderse meer dan duizend inwoners. Grote steden, zoals Arnhem, Nijmegen, Zutphen, Tiel*, Harderwijk en Zaltbommel hadden meer dan 5000 inwoners.
Lees verder: 1829 – Verbod op begraven in de kerk: een historisch overzichtDeze plaatsen kregen vrijwel allemaal een nieuwe buitenbegraafplaats tussen 1828 en 1832 als gevolg van de begrafeniswetgeving.
Culemborg, Doesburg, Lochem, Borculo’ Groenlo, Elburg, Hattem, Wageningen, Doetinchem en Nijkerk telden tussen 2000 en 5000 inwoners en moesten per 1 januari 1829 over een buitenbegraafplaats beschikken. Dat gold ook voor de kleinere steden met meer dan duizend inwoners: Buren, Bredevoort, Bronkhorst, Gendt, Heukelum, Asperen, Hattem en Terborg.
Algemene Begraafplaats, Doesburg
Doesburg heeft een algemene begraafplaats aan de Meipoortwal. Deze opende in 1829.
Algemene Begraafplaats, Nijkerk
Bronnen noemen zowel 1828 als 1829; de aanleg vond plaats in de periode direct na het Koninklijk Besluit van 1827.
RK Begraafplaats Lichtenvoorde
Eerste aanleg in 1828 volgens historische beschrijvingen van de begraafplaats.
Begraafplaats Zelhem
Historische aanleg in 1828. De eerste persoon die er begraven is Harmina Reindsen op 24 januari 1829.